Weer minder particuliere verhuur in 2025

Op 1 januari 2026 waren er 22 duizend huurwoningen minder in de private sector dan een jaar eerder. Dit komt doordat particulieren 37 duizend huurwoningen minder in bezit hadden. Veel van deze woningen zijn nu koopwoningen. Het aantal private huurwoningen van bedrijven daalt ook, het aantal private huurwoningen van overige organisaties stijgt. Dit meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) op basis van een onderzoek uitgevoerd op verzoek van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK).
Het aantal private huurwoningen nam in 2025 met 22 duizend af tot 1,16 miljoen woningen. Een jaar eerder nam de private huursector af met 3 duizend woningen. Er kwamen in 2025 wel meer huurwoningen van woningcorporaties (14 duizend) en koopwoningen (81 duizend) bij.
| Koopwoningen | 46,170 | 35,095 | 49,760 | 65,955 | 80,950 |
|---|---|---|---|---|---|
| Corporatiewoningen | 3,530 | 6,620 | 8,260 | 9,685 | 14,290 |
| Private huurwoningen | 25,425 | 37,080 | 27,150 | -3,200 | -22,110 |
| Bron: CBS, Kadaster | |||||
Tweede jaar met minder huurwoningen van particulieren
Private huurwoningen kunnen eigendom zijn van natuurlijke personen (particulieren), bv’s en nv’s (bedrijven) of overige niet-natuurlijke personen, zoals stichtingen en verenigingen. In 2025 daalde het aantal huurwoningen in bezit van bedrijven met 14 duizend, terwijl het aantal huurwoningen in bezit van overige niet-natuurlijke personen steeg met 29 duizend.
Huurwoningen kunnen van bedrijven naar overige niet-natuurlijke personen gaan als ze worden verkocht, maar bijvoorbeeld ook als de rechtsvorm van de eigenaar verandert van een bedrijf naar een stichting. De stijging in overige niet-natuurlijke eigenaren in 2025 komt vooral door deze laatste overgang. Het aantal huurwoningen van particulieren daalde in 2025 met 37 duizend tot 492 duizend woningen. Dat is 7 procent minder dan op 1 januari 2025. In 2024 was dit 22 duizend minder (4 procent minder dan op 1 januari 2024).
| Particulieren | 8,880 | 9,130 | -0,480 | -22,350 | -36,955 |
|---|---|---|---|---|---|
| Bedrijven | 8,945 | 21,660 | 21,875 | 12,330 | -14,115 |
| Overige niet-natuurlijke personen | 7,600 | 6,290 | 5,755 | 6,820 | 28,960 |
| Bron: CBS, Kadaster | |||||
Huurwoningen van particulieren gingen vooral over naar de koopsector
De daling van het aantal particuliere huurwoningen in 2024 en 2025 komt vooral door verkoop en andere eigendomsovergangen naar de koopsector; per saldo zijn dit 57 duizend woningen in twee jaar tijd. Ook zijn per saldo 12 duizend huurwoningen van particulieren overgegaan naar huurwoningen in bezit van niet-natuurlijke personen: bedrijven, woningcorporaties en andere organisaties.
Door toevoegingen en onttrekkingen groeit het aantal particuliere huurwoningen met 9 duizend woningen. Dit kan bijvoorbeeld door nieuwbouw, sloop en gesplitste of getransformeerde woningen. De niet-natuurlijke personen (bedrijven en overige) hebben 70 duizend nieuw toegevoegde huurwoningen in bezit gekregen en de koopsector 62 duizend.
| Koopwoningen | 0,000 | 26,880 | 57,075 | 62,115 |
|---|---|---|---|---|
| Huurwoningen van niet-natuurlijke personen | -26,880 | 0,000 | 11,675 | 69,620 |
| Huurwoningen van natuurlijke personen | -57,075 | -11,675 | 0,000 | 8,975 |
| Bron: CBS, Kadaster | ||||
In Randstad meeste particuliere huurwoningen overgegaan naar koop
In Utrecht en Noord-Holland zijn met 14 procent en 13 procent, in verhouding de meeste huurwoningen van particulieren overgegaan naar de koopsector. In Limburg en Zeeland was dit het laagst met 6 en 7 procent.
In de vier grote steden zijn de meeste huurwoningen van particulieren naar de koopsector overgegaan. Het hoogst is dit in Utrecht met 15 procent, en het laagst in Rotterdam met 11 procent. In Amsterdam is dit 12 procent en in Den Haag 11 procent.
| Drenthe | 9,5 |
| Flevoland | 10,7 |
| Fryslân | 8,2 |
| Gelderland | 9,7 |
| Groningen | 8,2 |
| Limburg | 6,3 |
| Noord-Brabant | 9,5 |
| Noord-Holland | 12,6 |
| Overijssel | 8,1 |
| Utrecht | 13,5 |
| Zeeland | 7 |
| Zuid-Holland | 11,3 |
| Bron: CBS, Kadaster | |
Woningen particuliere huur naar koop hadden gemiddeld hogere WOZ-waarde
Particuliere huurwoningen die koopwoning zijn geworden hadden gemiddeld een hogere WOZ-waarde dan alle particuliere huurwoningen in Nederland. De woningen die op 1 januari 2026 een koopwoning zijn geworden hadden een WOZ-waarde van gemiddeld 375 duizend euro. Woningen in de particuliere verhuur hadden een gemiddelde WOZ-waarde van 327 duizend euro. Verder waren deze woningen vaker een eengezinswoning, en ook groter en nieuwer dan het gemiddelde van de particulier verhuurde woningen.
| Minder dan 150 | 11,1 | 4,1 |
|---|---|---|
| 150 tot 250 | 28,7 | 24,8 |
| 250 tot 350 | 26,5 | 29,6 |
| 350 tot 450 | 15,6 | 18,4 |
| 450 tot 550 | 7,7 | 9,3 |
| 550 tot 650 | 3,8 | 4,9 |
| 650 of meer | 5,6 | 8,4 |
| Onbekend | 0,9 | 0,5 |
| Bron: CBS, Kadaster | ||
Bronvermelding
Dit nieuwsbericht is gebaseerd op berichtgeving van de oorspronkelijke nieuwsbron. **Bronvermelding en disclaimer**
Dit artikel is gebaseerd op informatie en/of berichtgeving van externe bronnen. De oorspronkelijke bron en eventuele rechthebbenden behouden hun rechten op de oorspronkelijke teksten, foto’s en ander beeldmateriaal. MOHANLAL.eu is een onafhankelijk nieuws- en informatieplatform en claimt geen eigendom over materiaal van derden. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. Voor correcties, auteursrechtelijke meldingen of verwijderingsverzoeken kunt u contact opnemen met MOHANLAL.eu.
© MOHANLAL.eu – Alle rechten voorbehouden.
Lees het oorspronkelijke artikel




