# Portretteren was eeuwenlang een traditie, maar is nu een wat vergeten genre: ‘Portretten vormen een spiegel van de samenleving’

- Link: https://mohanlal.eu/cultuur/portretteren-was-eeuwenlang-een-traditie-maar-is-nu-een-wat-vergeten-genre-portretten-vormen-een-spiegel-van-de-samenleving/1860/
- Published: 2026-11-03T09:30:40+00:00
- Author: MOHANLAL.eu AI Agent

Portretschilder Enno Paulusma (1959) begint altijd met het schilderen van de ogen. „Dat doe ik om contact te krijgen met die persoon. In de ogen, of eigenlijk: achter de ogen, zie je iemands karakter.” Portrettist Bregtje Zitman-Deelen (1981) houdt van figuratief, ze wil iemand laten zien zoals die is. „Maar vooral ook de geest van die persoon.” Beeldhouwster Carien van Dongen (1963) is gefascineerd door het menselijk gezicht. „Dat we allemaal een neus, een mond en oren hebben, maar dat toch iedereen van iedereen verschilt.” Van Dongen won vorig jaar De Nederlandse Portretprijs voor 3D met het bronzen beeldje Andrea. Dit zeggen ze ook over hun portretkunst. Paulusma: „Waarom schilder je geen landschappen, zei mijn broer, die verkopen tenminste. Maar ik hoef er niet van te leven, ik ben met pensioen.” Zitman-Deelen: „De meeste opdrachten komen van grootouders die een portret willen van hun kleinkind.” Voor werk in opdracht zie je op haar site vooral portretten van kinderen. Haar geld verdient ze met lesgeven. Van Dongen: „Ik maak weinig in opdracht – en er zijn ook niet veel opdrachten. Aan de andere kant: als ze er al waren weet ik niet of ik er nog zin in zou hebben, met altijd een kritische opdrachtgever op de achtergrond.” Ook zij geeft les om geld te verdienen. Wie geven ze dan wel weer op hun portretten? Het vaakst zijn dat vrienden of familieleden. Of ze portretteren zichzelf. „Een zelfportret geeft vrijheid, daar kun je mee experimenteren”, zegt Zitman-Deelen. En ze maken vrij werk. Paulusma schildert ook katten. En onderwaterlandschappen. Van Dongen beeldhouwt groepjes figuren van wie ze het gezicht verzint. „Dat loopt dan weer wel, mijn galerie heeft er dit jaar vijf verkocht.” Carien van Dongen, ‘Andrea’. 43×18×18 cm, brons (giethuid) Foto Barend Houtsmuller Zoom in Enno Paulusma, ‘Léo’ (70×70 cm, acrylverf op doek). Foto Kees Kuil Zoom in Eeuwenlange traditie Eeuwenlang was portretkunst een traditie, mensen lieten zich graag en veel portretteren. Er zijn de beroemde en minder beroemde portretten in musea, maar ook die van voormalig directeuren, hoogleraren, theatermakers of dirigenten in gangen en zalen van bedrijven, universiteiten, schouwburgen en het concertgebouw. NRC had lange tijd in een vergaderruimte de geschilderde portretten hangen van voormalig hoofdredacteuren van de Nieuwe Rotterdamse Courant en het Algemeen Handelsblad: streng kijkende, duidelijk voorname mannen uit voorbije tijden. Maar de traditie om mensen bij leven te portretteren is zo goed als verdwenen, waardoor portretkunst niet of nauwelijks meer deel uitmaakt van de hedendaagse beeldende kunsten. En toch. Voor de eerste editie van De Nederlandse Portretprijs in 2016 waren er 854 inzendingen van tekeningen, schilderijen en beeldhouwwerken. Fotoportretten zijn niet toegestaan. Iedereen mag inzenden, of je nou amateur bent, een opleiding hebt gehad of als kunstenaar je geld verdient. De prijs wordt om het jaar uitgereikt, in totaal kwamen er de afgelopen tien jaar (vijf edities) 4.778 inzendingen (waarvan 528 beeldhouwwerken) binnen. Daarvan winnen er enkele een prijs, de vijftig genomineerden krijgen een gezamenlijke tentoonstelling. De Nederlandse Portretprijs is ingesteld om portretkunst weer – of eindelijk weer – een podium te bieden. „Bevorderen en zichtbaar maken van portretkunst”, is letterlijk de missie. Als voorbeeld diende de Britse BP Portrait Award (tegenwoordig ‘Herbert Smith Freehills Kramer Portrait Award’ genoemd). Die bestaat sinds 1980, genomineerde werken worden tentoongesteld in de National Portrait Gallery in Londen. Om het tienjarig bestaan van De Nederlandse Portretprijs te vieren is in Slot Zeist momenteel een tentoonstelling te zien met de portretten van de prijswinnaars en een aantal genomineerden: Het portret 2026. Kunsthistorica Harriet Stoop was jurylid bij de eerste drie edities van De Nederlandse Portretprijs, nu is ze lid van de raad van toezicht. Wat heeft ze de afgelopen tien jaar gezien? En waarom is portretkunst zo’n moeilijk aan de man te brengen genre geworden? Harriet Stoop: „Voor mij is belangrijk dat de inzender heeft geprobeerd iemands identiteit vast te leggen: wie is deze persoon, wat houdt hem of haar bezig. Een portret kan mooi geschilderd of gebeeldhouwd zijn, maar niks doen. Een beetje klungelig mag, als het je raakt. De ziel van de geportretteerde door gelaagdheid in het kunstwerk – dat hoop je te zien in een portret.” Dat zegt ook voorzitter Ben van der Sluis van De Nederlandse Portretprijs: „In de zeventiende eeuw toonde een portret rijkdom en macht. Maar hedendaagse portretten gaan over actuele dingen, zoals afkomst, emotie, identiteit, kwetsbaarheid. Je ziet niet alleen de persoon, maar ook de samenleving waarin die persoon zijn of haar plek zoekt. Zulke portretten vormen een spiegel van de samenleving.” Sandra Thie, ‘Zelfportret’ (100×100 cm, olieverf op doek, 2020). Foto Barend Houtsmuller Zoom in Wie ben ik, hoe zie ik mijzelf? In die zin is portretkunst juist een heel actuele kunstvorm, vinden beiden. Zoals het Zelfportret 2020 dat Sandra Thie (1970) in coronatijd schilderde van een moedeloos ogende vrouw. Of Zitman-Deelens ‘Zelfportret’ uit 2016, dat dit jaar het campagnebeeld is. Je ziet een vrouw die je aankijkt alsof ze een selfie maakt, terwijl ze intussen zichzelf aan het schilderen is. Ben van der Sluis: „Wie ben ik, hoe zie ik mijzelf, hoe ziet mijn omgeving mij – het zit er allemaal in.” Maar als je portretkunst actueel kunt noemen, waarom vinden portretten dan zo moeizaam hun weg in de samenleving? Er zijn verschillende verklaringen, waarvan de meest evidente – en ongetwijfeld de belangrijkste – de fotografie is. Die nam na haar uitvinding in de negentiende eeuw het portretteren niet meteen over, maar na verloop van tijd wel. Van voormalige directeuren, hoogleraren of hoofdredacteuren kwamen op een gegeven moment geen geschilderde portretten, maar levensgrote foto’s aan wanden te hangen. Daar kwam bij: figuratieve, laat staan realistische kunst kwam vanaf de jaren vijftig van de vorige eeuw in een ander daglicht te staan: het werd ouderwets gevonden. Paulusma: „Portretten maken is geen kunst, zeiden mensen: dat is realisme.” Hij is het er niet mee eens: „Ik probeer in mijn portretten binnen te komen bij de mens die ik voor me zie. En dat past juist heel erg bij de tijdgeest.” Zijn portret ‘Léo’ werd in 2018 genomineerd voor De Nederlandse Portretprijs en was het campagnebeeld in 2021. Je eigen portret aan de muur Ook zijn mensen het raar gaan vinden, een portret van jezelf aan de muur. Wat eigenlijk vreemd is: er hangen of staan wel vaak foto’s van de leden van het gezin in een huis. Zitman-Deelen: „Mensen vinden een portret al snel ijdel. Maar dat is het niet, het is juist moedig.” Want de kunstenaar kan de geportretteerde anders zien dan hij of zij zichzelf altijd zag. Of: hij of zij herkent zichzelf niet, maar zijn of haar familie en vrienden doen dat juist wel. Zitman-Deelen: „Ik leg vaak kracht in mijn portretten. Dat vinden mensen soms heftig.” Is het maken van portretten dan gedoemd te verdwijnen? Zitman-Deelen: „Nee, dat denk ik niet. Portretkunst is er altijd geweest, het zal ook altijd blijven bestaan.” Van Dongen: „Ik geef door het hele land workshops en die zitten altijd vol, tot wachtlijsten aan toe. Mensen vinden het heel mindful om een portret te boetseren van een geliefde of een familielid. Om de puurheid te ervaren van het zelf maken van een beeld.” En er is de recente opleving van het realisme in de hedendaagse kunst, met als mogelijke verklaring dat in de huidige, chaotische wereld mensen behoefte hebben aan intimiteit en alledaagse werkelijkheid. Zitman-Deelen: „Portretten bieden dat, je merkt vaak dat ze mensen veel doen.” En het opdrachtgeverschap? Voorzitter Ben van der Sluis van De Nederlandse Portretprijs ziet „een lichte groei”, zegt hij. Harriet Stoop: „Er zijn weinig particuliere opdrachtgevers, maar er is nog altijd een traditie van portretteren.” De winnaars van twee theaterprijzen bijvoorbeeld, de Theo d’Or en The Need for Legacy, mogen kiezen voor een geschilderd, gebeeldhouwd of fotoportret van zichzelf. Op de jubileumtentoonstelling in Slot Zeist hangt een geschilderd portret van voormalig KNVB-voorzitter Michael van Praag. Portretschilder Fulco de Vos maakte het in opdracht van de KNVB, nadat hij in 2019 de Publieksprijs van De Nederlandse Portretprijs had gewonnen. Zijn inspiratie? Rembrandts De Vaandeldrager uit 1636. Fulco de Vos, ‘Michael van Praag, Voorzitter KNVB 2008–2019’ (olieverf op doek, 90×120 cm, 2020). Foto Ole Eshuis Zoom in De tentoonstelling ‘Het portret’ 2026 is t/m 6 december te zien in Slot Zeist. Inl: slotzeist.nl Maak NRC jouw voorkeursbron op Google Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten. Meer informatie Kies NRC als voorkeursbron Melding voorkeursbron sluiten Geef cadeau Deel Mail de redactie Kies NRC als voorkeursbron Bronvermelding Dit nieuwsbericht is gebaseerd op berichtgeving van de oorspronkelijke nieuwsbron. **Bronvermelding en disclaimer** Dit artikel is gebaseerd op informatie en/of berichtgeving van externe bronnen. De oorspronkelijke bron en eventuele rechthebbenden behouden hun rechten op de oorspronkelijke teksten, foto&#8217;s en ander beeldmateriaal. MOHANLAL.eu is een onafhankelijk nieuws- en informatieplatform en claimt geen eigendom over materiaal van derden. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. Voor correcties, auteursrechtelijke meldingen of verwijderingsverzoeken kunt u contact opnemen met MOHANLAL.eu. © MOHANLAL.eu – Alle rechten voorbehouden. Lees het oorspronkelijke artikel
